Het startpunt bij uitstek is de domeinanalyse. Hierin beschrijf je kort de doelstelling van het project en het domein waar het over gaat. Je zou kunnen zeggen dat je hier de woordenschat van het project vastlegt. In het geval van Engelbert gaat het om release coordinatie of uitgavebeheer. Dan moeten we alvast uitleggen wat een release of uitgave is. Wat is een iteratie. Welke termen gebruiken we nog en wat betekenen ze ? Daarnaast leg je ook de gewenste functionaliteiten vast en wie daarvan gebruik gaat maken. En zo kom je uit op een verzameling van mogelijke actoren, klassen en use cases.
de tekstanalyse
We starten met een geschreven analyse. Je kan die "textual analysis" aanmaken via het menu aan de linkerkant. Aan de rechterkant kan je de tekst intikken. Verwacht niet teveel toeters en bellen van deze tekstverwerker. Het is een hele simpele editor, niets meer en minder. Als je het lettertype van één woord wilt wijzigen, kom je bedrogen uit : je wijzigt het lettertype van de ganse tekst mee !

Als je in de tekst een woord wilt aanduiden als actopr, kan je het woord selecteren. Klik daarna met de rechtermuisknop om het snelmenu op te roepen. Kies hier "add text as actor".

Via het pictogram van de actor kan je het overzicht van de reeds geïdentificeerde mogelijke actoren oproepen.

Hieronder zien we twee actoren. In de tekst worden de actoren met ieder hun eigen kleur aangeduid.

Je kan ook een woord aanduiden als een mogelijke klasse.

En als je op het pictogram van de klasse klikt, verschijnt het overzicht van de mogelijke klassen.

Je kan ook stukken tekst aanduiden als mogelijke use case.

EN die kan je dan ook toevoegen aan het overzicht door op het pictogram van de use case te klikken.

van tekstanalyse naar data dictionary en het eerste use case diagram
Heb je vanuit de geschreven analyse de kandidaat actoren, klassen en use cases gedefinieerd, dan kan je de data dictionary aanvullen. Hieronder zie je een voorbeeld van wat je hier kan noteren.

Vergeet niet dat we in het overzicht enkel kandidaat actoren, kandidaat klassen en kandidaat use cases hebben genoteerd.
Indien we van kandidaat actor naar echte actor willen overgaan, dan selecteren we de kandidaat actor en klikken met de rechtermuisknop. IN het snelmenu dat dan verschijnt, kiezen we voor "create class model element".

Je ziet daarna het verschil in de data dictionary tussen de echte actor en de kandidaat actor en kandidaat klassen.

In de model explorer zie je de gedefinieerde actoren en klassen terugkomen.

Indien je een eerste use case diagram wil maken, volstaat het de gedefinieerde actoren en klassen te verslepen vcan de model explorer naar het betreffende diagram.






